Weliswaar niet ingewijd, toch betrokken. Kunstenaar/ondernemer, politicus/wetenschapper/ ouder: ze kunnen zinvolle vergelijkingen of inspirerende gezichtspunten bieden. Kunstzone haalt ze erbij.

Alwin Hietbrink, rector van het Barlaeusgymnasium in Amsterdam, constateert met vele anderen dat het huidige onderwijssysteem tekort schiet. Onderwijs dat beheerst wordt door standaardisatie en efficiency doet geen recht aan de talenten en wensen van individuele leerlingen. Maar met het doorschieten naar sterk gepersonaliseerd onderwijs dreigen we een belangrijke waarde te verliezen: de school als leergemeenschap.

 

Eén van de effecten van de verzelfstandigingsoperatie van het onderwijs in de jaren ’90 – volgens Hietbrink een kolossale fout – is de huidige verantwoordingscultuur, gericht op cijfermatige ‘output’ met als gevolg de standaardisatie van programma’s, toetsen en leerroutes: het is nu eenmaal makkelijker om cijfers te vergelijken dan gedrag. ‘Maar het gesprek over alternatieven in het onderwijs wordt gemonopoliseerd door de roep om maatwerk en gepersonaliseerd leren,’ stelt Hietbrink. Natuurlijk is het belangrijk dat elk individu tot zijn recht komt en dat leerlingen de ruimte krijgen voor persoonlijke groei, maar in Hietbrinks optiek is dat alleen mogelijk bij de gratie van de gemeenschap: de groep, de klas of het cohort waar je in zit. ‘Wie je bent, word je samen met anderen.’

 

Scholen moeten bovendien het lef hebben om keuzes te maken: zoals leerlingen verschillen, zouden scholen ook moeten verschillen. Niet elke leerling is gebaat bij een sterk geïndividualiseerd traject. ‘Als je het talent van een leerling belangrijker vindt dan de groep waar hij uit voortkomt, laat je zowel de groep als de leerling iets missen. Op het Barlaeus zitten leerlingen zes jaar lang bij elkaar in de klas: dat is een expliciete keuze. Een leerling die bijvoorbeeld heel goed is in wiskunde kan je versneld examen laten doen, uit de klas halen en andere dingen laten doen; je kan hem ook binnen de groep een andere taak geven en zijn klasgenoten laten helpen.’ Dat levert geen cijfer op maar iets veel belangrijkers dat niet per se gemeten kan worden.

 

Ook vindt Hietbrink dat scholen en schoolbesturen samen met docenten op zoek moeten naar de ruimte binnen het systeem die groter is dan dat we elkaar soms wijsmaken. In dit opzicht vindt Hietbrink de kunstvakken interessant: juist daar gaat het om het stimuleren van individuele talenten. En bij de beoordeling van een examenwerkstuk is niet een antwoordmodel, maar het intersubjectieve gesprek tussen vakmensen, de kunstdocenten, leidend. In een dergelijk gesprek gaat het over de essentie van onderwijs: wat heeft deze leerling eigenlijk geleerd, hoe zien we dat en hoe waarderen we dat. Ook de expliciete aandacht voor leerprocessen en de mogelijkheid om die te toetsen is inspirerend voor de rest van de onderwijssector. Of zoiets als een (al dan niet digitaal) portfolio voldoende soelaas biedt, of dat dat weer extra administratieve rompslomp oplevert is de vraag – het is in ieder geval wél een vorm die recht doet aan verslaglegging van individuele accenten, waarbij de leerling binnen de groep blijft en juist binnen die groep leert.

Alwin Hietbrink (1969) is rector van het Barlaeusgymnasium in Amsterdam. Hij studeerde filosofie en politicologie aan de Universiteit van Amsterdam en is sinds 2006 voor GroenLinks actief in de gemeentelijke en provinciale politiek.

Meer Informatie