Geven we als (dans)docenten les zoals het altijd is gedaan? Of geven we les op de meest effectieve manier? Hoe weten (of meten) we dat? En wat is ons doel eigenlijk? Wat moeten leerlingen na dit jaar, of vier jaar, kunnen? Zijn die doelen nog wel van deze tijd? Wat willen de leerlingen eigenlijk zelf graag leren? En hoe? Hoe denken andere docenten in het team hierover? Sluiten lessen op elkaar aan, of is ieder in zijn eigen bubbel bezig? En is ‘meer meer meer’ wel beter? Of bereiken we meer door juist minder te trainen, en meer te reflecteren? Hebben de leerlingen nog wel headspace voor nieuwe leerstof, of zijn ze eigenlijk te moe? Hoe zorgen we ervoor dat ze presteren op de juiste momenten?

Deze gedachtegang is bij mij blijven hangen na mijn interview met Gaby Allard. Ik sprak haar over Periodization: A Framework for Dance Training, het boek dat ze samen met sportwetenschapper Matthew Wyon schreef. Allard werkte zo’n twaalf jaar, in verschillende leidinggevende functies, bij de dans- en theateropleidingen van ArtEZ Hogeschool voor de Kunsten in Arnhem. In het boek beschrijft ze de periode van 2006 tot 2010, waarin ze samen met Wyon en andere wetenschappers ‘periodisering’ toepaste en het curriculum van de opleiding Danser / Maker (nu: Dance Artist) hervormde. Periodisering is een eeuwenoud concept uit de sport, waarbij men kritisch kijkt naar de trainingsschema’s die sporters op het juiste moment moeten laten pieken. Dit concept is nog maar weinig toegepast op dans, maar daar bracht Allard dus verandering in.

Tijdens ons gesprek vertelt Allard enthousiast over ‘de docent als onderzoeker’. Daarmee doelt ze op de onderzoekende houding die docenten kunnen aannemen; om nieuwsgierig te blijven naar andere methodes en een leven lang te durven spelen met de eigen lespraktijk. Vanuit deze reflectieve houding ging zij destijds het experiment op ArtEZ aan en inspireerde ze haar docententeam om ook kritisch naar hun lespraktijk te kijken. Allard wilde weten of het curriculum dat er toen lag daadwerkelijk het beste was wat zij studenten konden bieden, of dat een andere aanpak beter zou werken. Ze vond dat ze dat verschuldigd was aan de nieuwe generatie dansers, om hen het meest relevante dansonderwijs te bieden, zodat zij succesvolle en blessurevrije carrières kunnen hebben. De nieuwe aanpak die zij samen met haar team ontwikkelde bleek inderdaad beter op dat moment, voor deze generatie studenten.

Het is deze onderzoekende houding die ik bewonder, die mij inspireert, en die centraal staat in het boek. Want periodisering is geen kant-en-klare methode! Eerder een bril waardoor je naar je eigen lespraktijk kijkt. Zoals de vragen waarmee ik deze blog begon. Ik hoop dat iedere docent zich deze vragen regelmatig stelt.

Jacqueline de Kuijper interviewde Gaby Allard vanuit haar functie als hoofdredacteur van Dansdocent.nu – online magazine voor dansdocenten. Het interview verschijnt daar in oktober onder de rubriek Internationaal Dansonderzoek.

Cover #5

Sablika (medestrijder en vriendin van Tula, die in 1795 in opstand kwam tegen de slavernij op Curaçao). Zeefdruk met papierinkt David Paulus (2021)