We spreken al een tijd over de anderhalvemetersamenleving: niets aanraken, vaak je handen wassen, voldoende afstand houden. Als het om covid-19 gaat begrijpen de meeste mensen dat het kwalijk is om de regels te overtreden en het besmettingsrisico te vergroten. Het is een serieuze zaak. We maken het beste van de mogelijkheden die er zijn. Dat we voorlopig vage kennissen en verre familieleden geen hand hoeven te geven in de Hollandse verjaardagskring met drie zoenen is misschien iets om erin te houden na de anderhalvemeter-raak-niets-aan-en-desinfecteer-jezelf-samenleving.
Maar nu bekruipt mij het gevoel dat dit distantiëren ook doorsijpelt in het ‘figuurlijk niet-aanraken’ bij complexe zaken zoals de politieke puinhoop, de polarisatie in Nederland of jonge mensen die de lust voor het leven verliezen. We hebben het er liever niet over.

Enige tijd geleden was ik in een ruimte met zo’n onderwerp dat je beter niet aan kan raken: jonge mensen. Aan hen was gevraagd om de installatie ‘Tafel van de Wereld’ te observeren (naar het idee van Hannah Arendt). Hoewel de kunstenares in de ruimte aanwezig was, besloten deze jonge mensen om niet direct met haar te communiceren (AFSTAND HOUDEN), maar zachtjes met elkaar te smoezen. Er werd om de installatie heen gelopen en gebogen, er werd gekeken, gesnuffeld en geroken. Toen kwam de grote vraag: ‘Mag ik dit aanraken?’. Stilte – vragende blikken – een observant: ‘Ik weet het niet. Ik denk het niet – ze heeft er niets over gezegd… Maar ja: het is wel Kunst’.

Ik weet eigenlijk niet of de vraag of het antwoord mij het meest raakte. Nieuw is de vraag over het wel of niet aanraken van kunst niet. Ik denk dat de twijfel, de voorzichtigheid, de onzekerheid wellicht, mij wat triest stemde: waar is het avontuur, het risico, de durf?
Er was één jong mens dat aan de twijfels van de groep geen gehoor gaf. Een korte blikwisseling met de kunstenares en een seconde later werd de installatie (genuanceerd en met respect) ontleed. De jongere vond verscholen in de installatie een boodschap: ‘Daar ben je’.

We moeten blijven aanraken – voorlopig nog even figuurlijk, maar snel ook weer letterlijk – om te weten waar we zijn.

Ninya de Wever, Tafel van de Wereld, Geïnspireerd op het werk van Hannah Arendt