Dansplezier
Op de websites van veel dansscholen staat dat het voornaamste doel van hun lessen het ervaren van dansplezier is. Dat vond ik, om heel eerlijk te zijn, altijd maar een beetje stom, kortzichtig en oppervlakkig. Alsof dansen alleen maar frivool is. Entertainment in plaats van kunst of topsport. Terwijl danseducatie zoveel meer teweeg kan brengen dan enkel ‘plezier’. Namelijk: lichaamsbewustzijn, betere motoriek, conditie, zelfvertrouwen, emotionele expressie, zelfreflectie, creativiteit, improvisatievermogen, sociale vaardigheden, kunstwaardering, cultureel bewustzijn, en ga zo maar door.
Al deze andere opbrengsten van danseducatie worden zelden genoemd in de marketing van dansscholen. Ook al ben ik ervan overtuigd dat elke dansdocent het volledig met mij eens is dat danslessen dit ook teweeg kunnen brengen. Dus vanwaar alsmaar die focus op dansplezier? Ik begreep het niet. . .
Totdat ik me realiseerde dat dansplezier niet vanzelfsprekend is. En ik me herinnerde dat ik op meerdere momenten in mijn leven mijn dansplezier verloren ben. Omdat het verwerven van techniek en het worden van een betere danser belangrijker werd dan de reden dat ik dansen zo leuk vond. Namelijk de totale vrijheid die ik voelde als ik in mijn eentje in een lege studio – voor of na de dansles, of in de huiskamer – vrij aan het dansen was. En ik denk nu ook aan alle dansers die door grensoverschrijdend gedrag van hun docenten of klasgenoten getraumatiseerd raakten.
Dat doet me beseffen dat dansplezier inderdaad de basis is. Zonder plezier in dansen, en in leren dansen, kunnen al die andere leeropbrengsten niet gerealiseerd worden. Dat plezier (en de sociale veiligheid die dat plezier mogelijk maakt) moet door docenten te allen tijde bewaakt en gestimuleerd worden. Dat is misschien relatief makkelijk in lokale dansscholen waar leerlingen vrijwillig danslessen volgen omdat ze dansen al leuk vinden, maar ik kan me voorstellen dat dit in het onderwijs echt een uitdaging is.
Een partij die het in ieder geval goed gelukt is om jonge kinderen dansplezier bij te brengen is Corpo Máquina Society uit Tilburg. Ik zag deze zomer hun voorstelling It takes a Child to raise a Village in de gymzaal van BBS de Kruiskamp, tijdens festival Boulevard in Den Bosch. Wat was dat een feestje! Ik heb zelden zo genoten van een voorstelling, en dat kwam door het pure ‘beweegplezier’ dat de kinderen lieten zien.
De voorstelling bestaat uit een opeenvolging van scènes waarin steeds verschillende spelregels gelden. Zo’n zes performers doen elke 5-10 minuten een ander spel met de kinderen (vanaf 8 jaar). De ene keer klauteren ze over een klimtoestel in de vorm van een iglo, dan worden er springtouwen bijgehaald waar de kinderen over of onderdoor moeten rennen, dan weer mogen ze op een doek gaan zitten en worden ze door een performer als een sleetje voortgetrokken – en dat gaat soms bijna mis, maar nooit echt. Ze rennen, springen, klimmen, rollen, glimlachen, stralen, en schateren. Onderwijl spelen livemuzikanten prachtige muziek.
Het is een 90 minuten durende voorstelling die in de 90 minuten voorafgaand wordt voorbereid. Een week lang hebben de kinderen elke dag een repetitie én een presentatie. En ik kon zien dat de kinderen in die korte tijd aan al die mooie leerdoelen hebben gewerkt: plezier, zelfvertrouwen, motoriek, samenwerken, instructies opvolgen, op je beurt wachten, initiatief nemen, improviseren, etc. En hoewel je kunt discussiëren of er wel echt werd ‘gedanst’, waren toch alle aspecten van danseducatie en van een dansvoorstelling aanwezig.
Ik vind het echt een ongelooflijke topprestatie die hier is geleverd door Corpo Máquina Society en hoop dat zij nog vele scholen zullen bezoeken met hun educatieve project.
Jacqueline de Kuijper is oprichter en hoofdredacteur van Dansdocent.nu, het online magazine voor dansdocenten in Nederland en Vlaanderen. Ze studeerde danswetenschap aan Mills College in Californië en aan University College Utrecht. Sinds 2024 werkt ze als eindredacteur bij Kunstzone.