Koen (16) en Marieke (14) zitten op het conservatorium in de Jong Talentklas. Ze groeien op in een bijzondere muzikale thuissituatie: moeder is violiste en dirigent van verschillende strijkorkesten, hun zusjes spelen contrabas en viool.

Marieke: Ik zit in 3 vwo op de Vrijeschool in Zutphen. Ik speel al heel lang viool, maar heb sinds mijn zesde echt les.
Koen: En ik speel contrabas.

Waarom dit instrument?
Marieke: Ik begon met vioolspelen omdat mijn moeder vioollessen geeft. Nu speel ik viool  omdat het mijn passie is.
Koen: Met de contrabas kon ik gemakkelijker instromen bij de orkesten van stichting Arcato (red: Arcato richt zich op de ontwikkeling van muzikaal begaafde kinderen).

Hoe en waar studeer je?
Koen
: Ik sta vroeg op om voor het ontbijt te studeren, meestal een half uur. Ook repeteer ik thuis met een ensemble. Ik begin vaak met technische oefeningen (toonladders, streekoefeningen, schuifoefeningen) om daarna verder te gaan met de etudes en als er nog tijd over is improviseer ik nog wat.
Marieke: Ik studeer het huiswerk dat ik van mijn docente krijg, samen met de orkestpartijen voor Arcato. Dit is mijn eerste jaar in de Jong Talentklas. Ik houd les bij de docente die ik al had, omdat zij samenwerkt met ArtEZ. Op het conservatorium krijg ik theorieles.
Het liefst studeer ik in de lesruimte van mijn moeder, daar heb ik alles bij de hand en je hebt er een mooie akoestiek. Maar zij geeft ook vaak les, dan ga ik in de woonkamer studeren. Die is lekker groot en daar voel ik me vrij. Mijn muziekspullen staan beneden in een kast, zoals boekjes met orkestpartijen en voordrachtstukken.
Koen: Ik studeer ook in de woonkamer, daar staat mijn bas en ik heb daar ook les en al mijn muziekspullen staan daar. Mijn zusjes studeren in de andere hoeken van het huis, zo leiden we elkaar niet af.

Wat betekent muziek(les) voor je?
Koen: Je hebt individueel les, je leert hoe je iets moet spelen. Op school gaat het vaker over wat je moet leren. Het is fijn om thuis mijn bas op te kunnen pakken wanneer ik wil. Ik heb wel eens ervaren dat ik wegdommelde terwijl ik speelde. Mijn docent vond dat het daardoor nog mooier klonk.
Marieke: Het is fijn omdat ik zelf voor muziek heb gekozen. Mensen over de hele wereld kunnen de muzikale taal spreken.

Wat is je droom?
Marieke: Ik wil later graag met kinderen werken. Vaak help ik mijn zusjes met muziek en sinds kort heb ik zelf een leerling. In het jeugdorkest Arcato help ik bij de twee jongere orkesten.
Koen: Ik wil graag een eigen boerderij waar alles zelfvoorzienend is. En ik wil graag in Wageningen studeren, maar ook in Arnhem aan het conservatorium.