Hiphop literaire eigenschappen toeschrijven staat mij in eerste instantie tegen. Op literaire aspiratie zal je een hiphopartiest, of überhaupt een popartiest, niet snel betrappen.

Bob Dylan, de popmuzikant die een nobelprijs voor de literatuur kreeg, ging er in zijn dankspeech vanuit dat een (literaire) grootheid als William Shakespeare zichzelf zag als toneelschrijver. Diens teksten waren geschreven voor het toneel en moesten worden gesproken, niet gelezen. Daar komt nog bij, zei Dylan, dat behalve de toneeltekst veel andere factoren belangrijk waren voor Shakespeare bij het maken van theater.

Dylan
Datzelfde geldt voor het werk van muzikanten als Dylan en – uiteraard – voor hiphopartiesten. De melodie, het ritme, de instrumentatie, de sound, de opnamestudio, allemaal zijn ze van belang bij het bereiken van het uiteindelijke doel, het maken van een liedje of een track. Het lastige van deze kwestie is dat je snel verzandt in het vraagstuk over wanneer iets literatuur is. Theater vindt zijn oorsprong in de literatuur en muziek stond in vroege tijden vaak in dienst van poëzie. Zij kunnen dus ook op hun literaire kwaliteiten worden beschouwd, en nu één popartiest een prijs voor de literatuur heeft gekregen zou dat ook kunnen met popmuziek.
Maar voegt dat iets toe? Bob Dylan lijkt meer een uitzondering op de regel. Je krijgt een beetje het gevoel dat een groepje mensen heel graag het belang van zijn muziek wilden benadrukken en dat dachten te kunnen doen door het tot literatuur te kronen. Zou ik Dylan lezen in plaats van naar zijn nummers luisteren? Waarom zou ik?

Muziek bepaalt
Dezelfde vraag heb ik bij hiphop. Ik hou van hiphop, maar niet per se om de teksten. Je mag de prachtigste, meest gelaagde rijm ooit hebben geschreven, als de beat wack is en de rap niet lekker op de beat flowt, haak ik af. Hoe belangrijk vind ik de teksten in mijn favoriete (Amerikaanse) hiphopnummers eigenlijk? Ik kan hele stukken meerappen en weet, meestal, echt wel wat de inhoudelijke strekking van de tekst is. Vaak geniet ik van de rijm en inhoud in bepaalde passages, maar alleen als het als muzikaal geheel werkt. De muziek bepaalt de klank van de woorden, de timing, het tempo, de sfeer. Zonder is het geen hiphop. Hiphop hoeft dus wat mij betreft geen literaire kwaliteiten te hebben om goede hiphop te zijn.

“Zou ik Dylan lezen in plaats van naar zijn nummers luisteren? Waarom zou ik?”

 

Oote oote boe
Ik moet denken aan Joost Zwagerman die in 2010 in NRC Handelsblad de teksten van de Nederlandse rapformatie De Jeugd Van Tegenwoordig vergeleek met het werk van Michel Houellebecq en Jan Hanlo. Zo zei hij: ‘De onomatopeeën en klankdichten van De Jeugd hebben misschien een cultureel voorland. Ik denk dat Jan Hanlo met het fameuze gedicht Oote (Oote oote oote boe) de preambule leverde voor kreten van De Jeugd als Bout it Bout en MC dat front.

Slang en straattaal
Wellicht zijn er inderdaad overeenkomsten tussen te vinden, maar het lijkt er meer op dat de Joost Zwagermans van deze wereld dit soort vergelijkingen met literatuur nodig hebben om zelf iets van hiphop te begrijpen, om het goed te vinden. Het culturele voorland van De Jeugd Van Tegenwoordig is eerder de (Amerikaanse) hiphopcultuur waar zij mee zijn opgegroeid. Zij gebruiken en vernederlandsen Amerikaanse hiphopslang, vermengen die met Nederlandse straattaal en creëren zo een eigen vocabulaire. Een vocabulaire dat diepgeworteld is in de hiphop- en straatcultuur. Een cultuur die bol staat van vaste stijlelementen, termen, klanken en thematiek waar Joost Zwagerman vermoedelijk weinig van wist. De Jeugd Van Tegenwoordig is overigens een geval apart. In hun muziek hoor je heel duidelijk hun liefde voor en kennis van hiphop terug, maar ze bekijken hun rol als hiphopper ook met de nodige zelfspot. Hun muziek en teksten lijken daardoor soms meer een parodie op hiphop dan dat het pure hiphop is. En deze vorm leent zich daardoor beter voor literaire vergelijkingen, dat moet ik Joost Zwagerman nageven.

Vernieuwen
De neiging om hiphop met literatuur te verbinden is uiteindelijk niet heel vreemd. De meer gesproken dan gezongen lange teksten op rijm, het spel met taal, het gebruik van slang (straatdialect) maakt hiphop een talig muziekgenre. Vervolgens zijn er, met een beetje goede wil, altijd wel vergelijkingen te maken tussen hiphopteksten en bepaalde literaire stromingen of schrijvers. Voor het muziekgenre zelf voegt dat mijns inziens echter niets toe. Sterker nog, hiphopnummers die worden geprezen om literaire kwaliteiten wantrouw ik.
In de context van (taal)onderwijs biedt de benadering van hiphop vanuit een literaire invalshoek misschien wel mogelijkheden. Dan kan hiphop als ingang tot literatuur fungeren, want feit is dat door hiphop jongeren zich bezighouden met taal. De taal vernieuwen. Gelukkig hebben ze het zelf  niet door, maar ze staan op die manier in een lange traditie.