Als docent muziek aan een hogeschool geef ik les op de pabo en begeleid stages van conservatoriumstudenten. Door studenten van die twee opleidingen samen te laten werken wordt er in de muziekles op basisscholen een resultaat behaald dat, als zij onafhankelijk van elkaar zouden opereren, nooit behaald zal worden.

 

 

Wanneer ik bij bezoek op de basisscholen rondkijk, zie ik vaak een schat aan computers, laptops of iPads. Gereedschap dat als muziekinstrument kan worden gebruikt en geen beroep doet op de speelvaardigheid die bij een muziekinstrument nodig is.

Co creating

Ik vroeg conservatoriumstudenten ‘e-music’ zich te verdiepen in muziekprogramma’s (sites) en apps waar kinderen muziek mee kunnen maken. Nadat ze enkele daarvan hadden uitgekozen, moesten ze er een componeeropdracht voor basisschoolleerlingen bij ontwikkelen. Na mijn feedback-ronde kreeg een groep pabostudenten deze compositieopdracht. Die reageerden daarna op de didactische route die de muziekstudenten gevolgd hadden. Wat ging er goed, wat vraagt nog aandacht?

Leerling-componisten

Vervolgens samen voor de klas, voor enkele bovenbouwgroepen van een basisschool. De leerlingen werken op de iPad aan de hand van de GarageBand-app. De e-musicstudenten nemen het voortouw en de leerlingen luisteren geboeid naar de composities. Ze leren dat componeren het ‘samenvoegen van geluiden’ is. Hun eerste opdracht is om in de live loops van de GarageBand een loop in een spoor te plaatsen. Ze werken in tweetallen, en elke keuze bespreken ze met elkaar. Met de studenten kijken ze vervolgens naar de resultaten en ze krijgen van hen tips of aanwijzingen.

Wat zou er in het volgende gedeelte, spoor twee, moeten klinken, luidt de volgende opdracht. Moet spoor twee lijken op spoor één, als variatie, of moet er juist iets heel nieuws klinken, een contrast? Zo worden de leerlingen op de klankvoorstelling van hun compositie aangesproken.

Ze beginnen daarna met de selectie van loops voor het tweede, derde, vierde en vijfde spoor. Gaandeweg leren ze dat sporen met elkaar te maken hebben en dat die in willekeurige volgorde kunnen worden uitgevoerd. Als de compositie van vijf sporen klaar is, bepalen ze hoe lang een spoor klinkt en in welke volgorde ze te horen zijn. Ze moeten ook nadenken over het einde, want het stuk mag niet langer dan twee minuten duren. En de compositie moet natuurlijk een naam krijgen!

Co-teaching

Samen begeleiden de pabo- en e-musicstudenten de leerlingen tijdens de oefen- en componeerfase. Door zo les te geven leert de muziekstudent pedagogisch-didactisch handelen, en ontwikkelt de pabostudent muzikale vaardigheden. Bovendien ervaart hij muziekdidactiek in de praktijk en  ook dat je, om zo’n muziekles te geven, zeker niet handelingsverlegen hoeft te zijn. Ze geven de les dus – solo  – in de eigen stageklas en zetten daar nu de ‘schat aan electronica’ in om muziek mee te maken.

Hans van Eerden is docent muziek aan de Hogeschool Inholland.