De vakverenigingen behartigen de positie van de kunstvakken en hun docenten. In Lidstaat leest u over hun reilen en zeilen en wat hen zoal bezig houdt.

U heeft het misschien wel gemerkt, er wordt van alles op het onderwijs en op de leraar afgevuurd de laatste maanden:

– een grote curriculumherziening met ontwikkelteams van leraren, waaronder voor Kunst en Cultuur;
– de wet Beroep Leraar die voorschrijft dat u op school in gesprek gaat over een professioneel statuut;
– het ministerie van OCW en de Onderwijsinspectie die een brochure uitgeven Ruimte in regels over creatief gebruik van de onderwijstijd en
– de cao die u een les minder en 50 uur ‘ontwikkeltijd’ per jaar geeft zonder dat daar extra geld voor komt.

Laat u niet uit het veld slaan

Nu kan ik me goed voorstellen dat u geen moment tijd heeft om u hierin te verdiepen. Toch wil ik u aanmoedigen deze keer echt het gesprek met uw collega’s aan te gaan. Er is zo veel in beweging dat invloed kan hebben op de vorm van de lessen in de kunstvakken, de zeggenschap die u als professional over de inhoud en manier van werken kunt hebben en uiteindelijk het aantal uren dat voor kunstvakken beschikbaar is, dat u aan de bak moet.
Laat u niet uit het veld slaan door de grote vakgroepen die ieder jaar meerdere uren per week op de lessentabel hebben. We weten allemaal dat je er zonder taal en rekenen niet komt. Dat betekent niet dat we daarom met de kunstvakken nog wel wat kunnen inschikken. Ga met uw collega’s, ook van de andere kunstvakken, in gesprek en laat een keer alle zienswijzen op het kunstonderwijs relevant zijn. Kunstonderwijs is niet alleen een prettige afwisseling met de zaakvakken of ‘art-for-arts-sake’ maar dat en veel meer!

Uw kant op

Kunstonderwijs is goed voor je 21ste-eeuwse vaardigheden, creativiteitsontwikkeling, je hersenen en je leert dankzij muziek beter rekenen. Ik vergeet er vast nog een paar, maar de kern is: kunstonderwijs is onontbeerlijk voor de ontwikkeling van iedere leerling en kan zich door de aard van het vak niet binnen dezelfde kaders verantwoorden als de meeste vakken. Laten we dat deze keer dan ook niet proberen en ons met zijn allen in de school sterk maken voor bloeiend kunstonderwijs – met welke argumenten dan ook, voor de leerling die recht heeft op dat onderwijs maakt dat immers niet uit. Die zouden we alleen te kort doen door ons vak onvoldoende serieus te nemen en ons in de hoek te laten zetten waar de klappen vallen. Zo is het nu eenmaal met veranderingen: die bieden kansen maar die krijg je niet zomaar in de schoot geworpen, die moet je wel wat uw kant op helpen.