Auteur: Floor Roos

Wow wat is dat zwaar! Mijn lijf buigt onder het gewicht van de twee plastic ‘vleugels’ gevuld met water die om mijn armen heen zitten. Ik sta in de Grote Kerk in Zwolle en bezoek de Finals van de Docentopleiding Beeldende Kunst en Vormgeving van ArtEZ. Ik spreek vier kersverse afgestudeerden van ArtEZ Docentenopleiding Beeldende Kunst en Vormgeving over hun beeldende werk, docentschap en toekomstdromen.

 

Kunstprothese

Kim Venus, eindexamenstudent, is maker van het draagbare object en noemt het een kunstprothese. ‘In plaats van je leven makkelijker maken, maken mijn prothesen je leven moeilijker. Venus ontwikkelde verschillende kunstprotheses bedoeld om stress onder studenten bespreekbaar te maken: ‘Ik wil het taboe dat er heerst over het onderwerp stress opheffen en een aanzet hiertoe geven.’ Tijdens verschillende bijeenkomsten trokken studenten haar kunstprotheses aan. De draagbare objecten die zwaarte en ongemak veroorzaken bij de drager, nodigen uit tot een open gesprek. Venus: ‘De sfeer werd direct serieus als iemand het object droeg. Je voelt de ongemakkelijkheid al zonder dat je het zelf draagt.’

 

Een meditatief eetritueel

Een ander opvallend kunstwerk is het werk van Koen van Zwol. Tijdens een performance bereidt van Zwol met eerbied een oosterse salade en deelt dit voedsel met toeschouwers aan een lage ronde tafel. Een eetervaring waarbij hij voedsel gelijk probeert te stellen aan diegene die het tot zich neemt. Van Zwol: ‘Het voedsel staat niet in dienst van jou. Jij en het voedsel zijn gelijk.’ Dit gevoel accentueert hij door de kleine houten lepeltjes en de volumineuze ‘kommen’ van keramiek. Die hebben allen een andere, vaak onhandige, vorm. ‘Het bord dient als een altaar voor het voedsel, het is geen vorm die puur voor de functie ontworpen is.’ Het werk is ook hier sociaal geëngageerd: Doel van het werk is om de toeschouwer te laten denken over de invloed van voedsel op milieu en gezondheid, zonder dit op te dringen.

 

Maakbaarheid van het gebroken lijf

Wiesje Gunnink wil ook de toeschouwer aan het denken zetten. Als dochter van een huisarts kwam Gunnink al jong in contact met gebroken lichamen. Gebrokenheid is daarom een thema waar zij zich in haar werk mee bezig houdt. Geamputeerde lichaamsdelen, moeite met zwanger worden, suikerziekte. Veel tekortkomingen worden door de medische wereld ‘geheeld’. Maar in hoeverre hebben wij echt invloed op het menselijk lichaam? Hoe maakbaar is het gebroken lijf eigenlijk? Met de installatie Dagen gaan voorbij Hopend op een goede tijd Blijft alles zich herhalen, 2019 confronteert zij de toeschouwer met de stomp van een geamputeerd been waarover geaaid wordt. Heeft het been pijn? Wordt het getroost? In het werk Zoals het kan gaan, 2019 laat zij opnieuw een deze stomp zien, ditmaal ondersteund door een kussentje en een ijzeren staaf. Gunnink: ‘Met kunst mag je geconfronteerd worden met dingen waarmee je eigenlijk niet geconfronteerd wilt worden.’

 

Artistieke maakproces versterkt het docentschap

In het werk van Carina van der Ham wordt direct de wisselwerking tussen kunsteducator en maker helder. Van der Ham wilde met het thema schuld aan de slag en vond in Nibud een opdrachtgever. Zij boden haar aan lessen te geven aan het mbo Deltion als docent Burgerschap en Maatschappij. Van der Ham greep dit met beide armen aan en startte met het ontwerpen van lessen in haar atelier. ‘Ik onderzocht hoe ik het begrip schuld voelbaar en tastbaar kon maken voor de jongeren.’ Een voorbeeld hiervan zijn haar hedendaagse kerfstokken. In de oude traditie wordt een stok door tweeën gedeeld. De schuldeiser en schuldenaar krijgen beiden een deel. Zo gaan zij een verbintenis met elkaar aan. ‘Ik gebruikte het concept van ‘iets geven’ ook in mijn lessen. Ik gaf de eerste les elke jongere uit de klas een schetsboekje cadeau. Door het cadeau te accepteren gingen zij een verbintenis met mij aan. We konden vervolgens het gesprek over schuld met elkaar aangaan.’

 

Maker/Educator

Van der Ham laat zien dat het eigen artistieke maakproces voeding kan zijn voor het ontwerpen van lessen. Ze geeft zelfs aan dit niet los van elkaar te kunnen beoefenen. De ander sluiten zich hierbij aan. Koen van Zwol: ‘Ik denk dat de kwaliteiten van autonoom kunstenaar die ik bij de opleiding ontwikkeld heb, kan inzetten tijdens het doceren. En de vaardigheden die ik geleerd heb over docentschap pas ik weer toe in mijn beeldende werk.’ Kim Venus beaamt dit: ‘Als kunstdocent train je leerlingen oplossingsgericht ontwerpen. Je leert ze vervolgens een idee om te zetten in beeldtaal. Door dit zelf in een artistiek werkproces te hebben ervaren begrijp ik dit beter en zie ik het belang ervan in.’ Tot slot werkt het eigen beeldende onderzoek stimulerend. Wiesje Gunnink: ‘Als ik vanuit mijn eigen passie lessen bedenk, blijf ik zelf gemotiveerd en kan ik dit overbrengen op mijn leerlingen.’

In de Grote Kerk in Zwolle presenteren alle studenten Docent Beeldende Kunst en Vormgeving van ArtEZ academie voor Art & Design nog tot en met 14 juli hun eindexamenwerk. Meer informatie: https://finals.artez.nl

Volg DBKV ArtEZ Zwolle op instagram: https://www.instagram.com/artezdbkv/