De stad Sofronia bestaat uit twee halve steden. In de ene is een achtbaan met steile bulten, een zweefmolen met uitwaaierende kettingen, een reuzenrad met draaibare bakjes, een cilinder met stijlwandrijders met het hoofd naar beneden, een circustent met een bos trapezes in de nok. De andere helft van de stad is van steen en marmer en cement, met een bankgebouw, werkplaatsen, het slachthuis, de school en al het andere. De ene helft van de stad is vast, de andere is geïmproviseerd en als de tijd van haar verblijf om is, wordt zij uit elkaar gehaald, gedemonteerd en meegenomen om overgeplaatst te worden naar de braakliggende terreinen van een andere halve stad (Uit: De onzichtbare steden, IV De subtiele steden.4. Italo Calvino).

Leeromgevingen voor innovatief, hedendaags onderwijs en ideeën voor die omgevingen in toekomstig onderwijs, dat is waar het in deze Kunstzone om draait. De stad Sofronia is dan, net als veel andere steden in Calvino’s boek, een allegorie voor waar schoolleiders, docenten, studenten en leerlingen dagelijks in verkeren: leeromgevingen. Tot een paar decennia geleden werd er nauwelijks nagedacht over de wisselwerking tussen leren en ruimte. Uit de artikelen in dit nummer blijkt echter hoe bewust de organisatie van de school, het rooster, de groeperingsvormen, het gebouw, het curriculum en de didactiek op elkaar afgestemd worden. Renate de Groot, hoogleraar Biopsychologie van leren betoogt in haar oratie dat leren te vergelijken is met een levenslang bouwproces tussen lerende en omgeving. Ook een intrigerende metafoor.

Bij de inrichting van de leeromgeving waar een deel van dat levenslange bouwproces plaats zal vinden, is een opvatting over leren essentieel. Die leidt immers tot de keuze voor materialen, werkvormen en opdrachten, de samenstelling van groepen leerlingen of studenten en ….dat heeft op zijn beurt gevolgen voor de vormgeving en inrichting van de leerruimten.

Hoe kan een gebouw zich verhouden tot opvattingen over leren, en leerdoelen als zelfsturing, samenwerken, persoonsvorming en maatschappelijke verantwoordelijkheid die veel auteurs belangrijk vinden? Jeanne van Heeswijk ontwierp een koepelvormige ruimte die mensen moet stimuleren om bepaalde gespreksonderwerpen aan te roeren. Studenten van de HKU ontwikkelden een concept voor onderwijs als lerend netwerk. Peter Prins, directeur van de Groningse basisschool Borgman denkt dat zijn gloednieuwe schoolgebouw al aardig in de richting komt van een leeromgeving die beantwoordt aan zijn opvatting over leren. Dat is, vindt hij, een rijk en stimulerend, flexibel en transparant gebouw geworden.

In wezen hebben we hier te maken met abstracties van eigenschappen die alle leeromgevingen – in meer of mindere mate – zouden moeten bezitten. En waarin ronddwalen, blijven of ontsnappen mogelijk moet zijn.

Net als in Sofronia kunnen die verschillende eigenschappen elkaar raken, of soms (toch) gescheiden blijven. In de beste van de leeromgevingen voegen ze zich samen, opdat het leerproces uiteindelijk staat als een huis.