28 sep 2023
2 minuten lezen

Kunsteducatie

of de macht van efficiëntie versus de kracht van ontwikkeling

Taal komt centraal te staan in het onderwijs in Vlaanderen. Uit noodzaak zegt men. Het niveau van begrijpend en technisch lezen gaat verder achteruit, het taalonderwijs is noodlijdend en we stevenen af op een ramp. Neem de statistieken erbij en je bent meteen overtuigd. Dus accent daarop, 100% aandacht daarvoor.

Ik haal mijn schouders op en kijk naar het schilderij aan de muur. Hoelang deed ik erover om dat beeld te zien, om dat beeld begrijpend te vatten, om het technisch te lezen?
Ik krijg geen vat op het antwoord hoe dat proces verliep. Wat ik weet is dat het jaren duurde en moeite heeft gekost. Ik verlaat het beeld en luister Bach. Ook daar stelt zich de vraag hoelang het duurde voor ik begreep, voor ik technisch . . . , voor ik doorgrondde en dan nog.
Maar een veel grotere vraag stelde ik mij naar de zin en de zingeving van dit alles. Hoelang deed ik erover om zin te geven en daardoor mijzelf een richting te geven in dit bestaan?

Het zal wel dat lezen en de literaire taalvaardigheid noodlijdend zijn, maar zou dat bij de beeldende, de muzikale, de lichamelijke taal anders zijn? Leven we in een literaire wereld? De discussies over taal en taalvaardigheid zijn ingegeven door de macht van de efficiëntie, niet door de kracht van de ontwikkeling van het mens zijn.

Waarom geen accent op de ontwikkeling van talen om de ontwikkeling van de mens in zijn complexiteit te benaderen? Waarom geen accent op beeld, muziek, literatuur, wiskunde, lichaam  . . . . De totaliteit zal het uiteindelijk halen van het fragment. De complexiteit van de simpelheid is een moeilijke, dat weten we. Tenzij we achter de vlag van de domheid blijven lopen regelrecht in het onverstaanbare.

Leve de talen in al hun geuren en kleuren en gezindheden!