16 jan 2026
4 minuten lezen

Filmeducatie is belangrijk voor nieuwkomers

Auteur: Fee Geerinck | Beeld: 1. Fee Geerinck Foto Filmhuis Den Haag 2-3. Handreiking Filmeducatie voor het nieuwkomersonderwijs Filmhub Zuid-Holland Illustraties Studio Vuurtoren

Filmeducatie helpt jonge nieuwkomers niet alleen de wereld te begrijpen, maar ook zichzelf zichtbaar te maken. Hierdoor kan een ander verhaal over migratie ontstaan. Fee Geerinck van Filmhub Zuid-Holland vertelt hierover in deze blog.

Toen ik laatst na schooltijd meekeek op het scherm van de telefoon van Nour, herkende ik de video’s die voorbijkwamen niet. Logisch, het algoritme van een 16-jarige ISK-leerling verschilt van dat van een 31-jarige vrouw. Toch voelde het betekenisvol om even door een andere lens naar de wereld te kijken.

Het is geen nieuws dat jongeren opgroeien in een wereld van bewegend beeld. Lange teksten lezen we niet zo makkelijk meer. Op sociale media zijn filmpjes de norm en ook bedrijven en overheden communiceren steeds vaker via video. Juist omdat die beelden onze blik vormen, is het belangrijk dat jongeren bewust leren kijken en maken. Voor jonge nieuwkomers krijgt filmeducatie nog een andere lading. Het helpt hen niet alleen de wereld te begrijpen, maar ook zichzelf zichtbaar te maken. Het is een manier om de blik van de ander te leren kennen én te vangen. 

De groep waartoe jonge nieuwkomers (ongewild) behoren – ‘migranten’, ‘vluchtelingen’ en ‘statushouders’ – is namelijk vaak een onderwerp in de media. Onderzoekers schrijven al langer over de manier waarop er over migranten bericht wordt. Woorden als ‘stroom’ of ‘golf’ zijn geen toevallige metaforen. Ze suggereren dreiging, beweging zonder individuen. Zo worden nieuwkomers vaak neergezet als hulpeloos slachtoffer of als risico. Ook het zelfbeeld van jonge nieuwkomers wordt hierdoor beïnvloed en gevormd. 

Op de kennisdag Beeldbekwaam in het Onderwijs van Netwerk Filmeducatie luister ik dan ook geboeid naar cultuurwetenschapper Jeroen Boom. Hij is universitair docent Visuele Cultuur aan de Radboud Universiteit Nijmegen en promoveerde op hoe filmmakers zich kunnen verzetten tegen politieke stigmatisering. Hij onderzoekt hoe camerastandpunten, montage en beeldkeuze onze mening over migratie sturen. Zijn focus ligt op beeldmakers die zich hiertegen verzetten. 

Terwijl ik naar zijn lezing luister, denk ik: dat verzet moet al in de klas beginnen! Ook leerlingen in een internationale schakelklas kunnen verhalen verbeelden die andere perspectieven bieden. Net zoals de filmmakers in Booms betoog, moeten we het mogelijk maken dat leerlingen de regie over hun eigen verhaal krijgen.

De organisatie Common Frames doet dit via al film- en mediaprojecten met jonge nieuwkomers. In hun documentaire We komen van ver vertellen oud-ISK-leerlingen Remy, Gaid, Angelina en Ha over hun reis naar en ervaringen in Nederland. Het is een warm portret van en door de jongeren. De film schept een gelaagder beeld over migreren naar Nederland, vertelt door jongeren in de talen die ze geleerd hebben: die van de camera en van het land dat nu hun thuis is. Toen de film in november werd vertoond bij het ministerie van OCW werd er niet over hen gepraat, maar mét hen. 

Film kan emanciperen. Door met jonge nieuwkomers te kijken, bespreken en maken, leren ze niet alleen film begrijpen maar ook hun eigen verhaal vertellen. En als jonge nieuwkomers hun eigen beelden maken, kan de wereld eindelijk met hen meekijken.

Meer weten?
In opdracht van Filmhub Zuid-Holland schreef ik de handreiking Filmeducatie voor het nieuwkomersonderwijs. Deze publicatie werd mede mogelijk gemaakt door het Nederlands Filmfonds.

Fee Geerinck is consulent filmeducatie bij Filmhub Zuid-Holland. Ze geeft trainingen over filmeducatie en adviseert leraren, vertoners en aanbieders. Toen ze nog in Antwerpen woonde, stond Geerinck voor de klas als docent Nederlands, Engels en NT2.