Kunstvakken verzwaren het onderwijs niet, maar verlichten het juist
Blog / Belén Kerkhoven / 12-03-2026
![]()
Kunstvakken zouden het onderwijs verzwaren en moeten daarom worden ingeperkt volgens de politiek. Onzin, vindt opleidingsdocent muziek Belén Kerkhoven. Goed kunstonderwijs kan het curriculum juist verlichten.
Een rode draad die ik de afgelopen tijd blijf tegenkomen als opleidingsdocent muziek op de pabo is de overladenheid van het curriculum. Het pabocurriculum is té vol voor studenten, die zich de kennisbasis eigen moeten maken van maar liefst dertien vakken (of veertien als je het Fries meerekent). Ook het basisschoolcurriculum is niet meer behapbaar voor docenten én leerlingen: ‘er moet in het onderwijs al zoveel’ is een veelgehoorde klacht. Zie daar de politieke roep om te minderen en terug te gaan naar de basis: rekenen en taal.
De actualisatie van de kerndoelen in het po en vo zouden een uitkomst moeten bieden door op de basisvaardigheden te focussen. In het begin van dit proces werd nog gesproken over het verplicht aanbieden van vijf kunstdisciplines (beeldende vorming, muziek, dans, film en theater). Na Kamervragen van de SGP werd dat teruggedrongen naar drie kunstvakken; beeldende vorming en muziek als verplichte kunstvakken en één verplicht keuzevak: dans, film of theater. De kunstvakken zouden leiden tot een verzwaring van het onderwijs en moeten daarom een beperkte rol spelen.
Maar leidt het aanbieden van minder kunstvakken tot een verlichting van het curriculum? Het antwoord is nee! Als ik aan mijn gemiddelde paboklas vraag op wiens stageschool muziek structureel aangeboden wordt gaat helaas maar bij een handjevol studenten de handen omhoog. Het is het vak dat ook vóór de actualisatie al als eerste geschrapt werd van het rooster. Ook de andere kunstvakken worden niet structureel gegeven in het huidige toetsgerichte ‘teaching to the test’ systeem. Dat het schrappen van aanbod binnen het kunstvakonderwijs in de basisschool zou zorgen voor een verlichting van het curriculum is een drogredenering.
Sterker nog: ik stel dat de kunstvakken juist een oplossing kunnen zijn voor de overladenheid van het curriculum! Door het aanbieden van de kunstvakken stimuleer je namelijk de ontwikkeling van het kind in brede zin, waar de basisvakken voornamelijk gericht zijn op de cognitieve ontwikkeling. Door aandacht te besteden aan kunstonderwijs stimuleer je onder andere sociaal-emotionele vaardigheden, motorische vaardigheden, de visuele en auditieve cortex, taalvaardigheid, empathisch vermogen, voorstellingsvermogen, geheugen, concentratie, patroonherkenning, creativiteit, verbeelding, samenwerken, zelfvertrouwen en meer kansengelijkheid (schrijft Mark Mieras in zijn studie Hoopvol onderwijs).
Het kunstvakonderwijs stimuleert dus de ontwikkeling van het kind in zijn geheel: hart, hoofd en handen. Ook neemt het plezier en de motivatie voor leren toe, waardoor er resultaten worden geboekt bij alle basisschoolvakken. Een mooi voorbeeld is deze Britse school waar tien jaar geleden al een intensief programma van kunstonderwijs werd ingevoerd en het effect merkbaar werd op alle leergebieden. De school ging van een beruchte ‘falende’ naar een ‘goede’ school door deze aanpak.
Het kan dus anders, maar dit vraagt een andere kijk op ons onderwijs. Geen focus op toetsing en resultaten, maar op de ontwikkeling van het kind als geheel. Niet schrappen van kunstvakonderwijs, maar juist intensiveren. De kunstvakken zijn geen vloek, maar een zegen!
Belén Kerkhoven is musicoloog en opleidingsdocent muziek aan de Marnix Academie te Utrecht (Pabo) en bestuurslid van het Netwerk Muziekdocenten Pabo. In haar dagelijks werk begeleidt ze aanstaande leerkrachten om muziek te geven in hun onderwijspraktijk en schrijft ze over de uitdagingen die ze in het werkveld tegenkomt.