Blog
13 sep 2026
4 minuten lezen

Zet het positieve effect van kunstparticipatie op het mentaal welzijn in voor meer kunst in het onderwijs

Blog / Belén Kerkhoven / 13-09-2026

Kunstparticipatie is helend. Dat is inmiddels door honderden onderzoeken bewezen en wordt door diverse hoogleraren verkondigd. Waarom zetten we dat niet in als argument voor meer kunsteducatie in het onderwijs? Opleidingsdocent Belén Kerkhoven pleit voor een sterkere lobby.

Het afgelopen jaar is er veel aandacht geweest voor de effecten van kunst op het mentaal welzijn. Zo gaf Tineke Abma, bijzonder hoogleraar Kunst en Zorg bij Erasmus School of Health Policy & Management, haar inaugurele rede over de helende werking van kunst tijdens het festival The Art of Healing (lees de reportage in NRC). En de Britse hoogleraar Daisy Fancourt publiceerde het boek Kunst als medicijn over het belang van kunstparticipatie voor menselijk welbevinden (lees het interview in NRC). Bovendien stond Kunstzone 2/2025 (nog steeds te koop) geheel in het teken van dit onderwerp.

Dat zette mij weer eens aan het denken over het mentaal welzijn onder jongeren, dat nog steeds onder druk staat en daarom een terugkerend onderwerp is. Ik zie bijvoorbeeld dat veel van mijn pabostudenten prestatiedruk ervaren. Ze hebben het gevoel dat ze het overzicht verliezen: ze moeten bijblijven met de studie, praktijkleren, huiswerk, sport, hobby, bijbaantjes en hun sociale levens. Het lukt niet altijd om al die ballen in de lucht te houden.

Dit onderwerp houdt mij niet alleen bezig omdat ik deze uitdaging dagelijks in mijn lespraktijk tegenkom, maar ook omdat ik denk dat het de sleutel kan zijn tot het realiseren van meer kunstvakken binnen het onderwijs. In mijn vorige blog beschreef ik al het spanningsveld tussen kunst als doel en kunst als middel. Dat vind ik een nodeloze discussie: de inzet van kunst als middel – in dit geval voor beter mentaal welzijn – staat ook ten dienste van kunst als doel. We kunnen de positieve neveneffecten van kunstbeoefening dus maar beter omarmen, als dat leidt tot meer kunsteducatie in het onderwijs. 

Waarom is mentaal welzijn dan de sleutel? Ik gebruik daarvoor graag het voorbeeld van het vak bewegingsonderwijs. Dit vak heeft een sterke positie binnen het primair onderwijs omdat volgens hun lobby alleen een vakdocent bewegingsonderwijs kan instaan voor de fysieke veiligheid van leerlingen. Daarnaast is er natuurlijk het gezondheidsargument: bewegen is goed voor de fysieke ontwikkeling van leerlingen, zeker nu ongezonde levensstijlen met meer schermtijd, minder buitenspelen en meer bewerkt voedsel de norm worden. Deze lobby is bijzonder effectief en heeft in schooljaar 2023/2024 geleid tot het verplichten van twee lesuren bewegingsonderwijs per week binnen het primair onderwijs, onder leiding van een vakleerkracht of bevoegde groepsleerkracht.

Ik stel voor dat wij als kunstvakdocenten eenzelfde sterke lobby starten voor de kunstvakken maar dit keer met mentaal welzijn als inzet. Sinds de coronacrisis is het mentaal welzijn van jongeren een terugkerend thema in wetenschappelijk onderzoek. Jongeren geven aan meer mentale druk te ervaren door de prestatiecultuur binnen het onderwijs, maar ook de onzekere toekomst door de geopolitieke situatie en klimaatcrisis spelen daarbij een rol. Ze maken zich bijvoorbeeld zorgen of ze een woning kunnen vinden, en over discriminatie, racisme en kansenongelijkheid.

Als je kijkt welke interventies helpen om het mentaal welzijn van jongeren te versterken, dan noemt wetenschapsjournalist Mark Mieras het kunstonderwijs als oplossing. Met kunstonderwijs ontwikkel je namelijk meer zelfvertrouwen (self-efficacy) en dat is een van de sleutels tot het kunnen tonen van veerkracht. Het Trimbos Instituut beschrijft (in samenwerking met het LKCA) dat cultuurparticipatie deze veerkracht kan versterken en zo een positieve invloed kan hebben op de mentale gezondheid. Dat brengt mij terug naar het begin: kunstparticipatie is een hoopvol medicijn voor ieders gezondheid en mentaal welzijn. Oók, of vooral, voor jongeren en studenten! 

Laten we dus leren van onze collega’s bewegingsonderwijs en ons als kunstvakdocenten hard maken voor structureel kunstonderwijs in het primair én voortgezet onderwijs, met als inzet het mentaal welzijn van de toekomstige generatie.

Belén Kerkhoven is musicoloog en opleidingsdocent muziek aan de Marnix Academie in Utrecht (pabo). Ze houdt zich bezig met de vraag hoe we de positie van de kunstvakken in het basisonderwijs kunnen versterken. Voor Kunstzone schrijft ze over de uitdagingen die ze in het werkveld tegenkomt.