Een mobiele onderwijsruimte, een innovatielab of een vlogkit. Het is een greep uit de projecten die het Stimuleringsfonds Creatieve Industrie ondersteunt in het ontwikkeltraject Leeromgeving van de Toekomst. Dit traject is onderdeel van het programma Onderwijsomgeving 2017-2020, dat het fonds uitvoert in opdracht van het ministerie van OCW. Op 19 september 2019 werden op het gelijknamige symposium de projecten gepresenteerd.

Het is najaar 2017 als het Stimuleringsfonds een open oproep aan mbo-instellingen doet. ‘Wie heeft er een huisvestingsvraagstuk met als doel de kwaliteit van de onderwijsomgeving te verbeteren? En wie wil dit samen met een ontwerper onderzoeken?’ De aanleiding voor de oproep is het themaonderzoek Huisvesting in het mbo, hbo en wo van de onderwijsinspectie (2016). Opleidingen zien de samenleving veranderen en daarmee ook de arbeidsmarkt. Hoe moeten onderwijsgebouwen – daarop anticiperend – zo ingericht worden dat ze ruimte bieden voor deze veranderingen? Hoe kunnen studenten opgeleid worden tot vakmensen die over de grenzen van hun sector kunnen kijken?

 

Vier deelgebieden

Uit het onderzoek van de onderwijsinspectie blijkt dat veel mbo-instellingen met dergelijke vragen worstelen. Het Stimuleringsfonds clustert de vragen in vier deelgebieden, die op hun beurt leidraad zijn geworden voor het ontwikkeltraject Leeromgeving van de Toekomst. Op zoek naar het antwoord op de vragen ondersteunt het fonds sinds het voorjaar van 2018 dertien samenwerkingsprojecten.

Het eerste deelgebied, leren voor een veranderende arbeidsmarkt, richt zich op vraagstukken omtrent onderwijsomgevingen waarin studenten over de grenzen van het eigen vakgebied kunnen kijken. Het tweede, flexibiliteit van het vastgoed, legt het accent op de mbo-school als hybride omgeving waar opleidingen, bedrijven en maatschappij samenkomen.

In het derde deelgebied, de school als community, gaat het over leeromgevingen waarin contacten tussen studenten, docenten en opdrachtgevers in een veilige setting gerealiseerd kunnen worden. Het laatste deelgebied de circulaire leeromgeving, richt zich op de school als duurzaam ecologisch systeem waarin CO2-reductie plaats kan vinden. De dertien samenwerkingsprojecten die in 2018 van start zijn gegaan, vallen alle binnen één van deze vier deelgebieden.

 

Zeecontainers

Waarom die samenwerking met ontwerpers? Kunnen de mbo-instellingen zelf geen antwoorden vinden op deze vragen? Het House of Logistics – een samenwerkingsverband van het ROC van Amsterdam, ROC Nova College, Luchtvaart College Schiphol en logistieke bedrijven in de regio Amsterdam – vroeg zich af wat er nodig was om een externe, verplaatsbare ruimte te transformeren tot een flexibele en herkenbare onderwijsplek die op locatie in verschillende stageomgevingen een veilige haven biedt aan studenten.

Merel Schenk van het ROC van Amsterdam had zelf eigenlijk al een antwoord in haar hoofd: een zeecontainer. Waarvan ze er toevallig ook nog drie letterlijk tot haar beschikking had. Maar ja, een zeecontainer is nog niet meteen een veilige haven waarin ook nog onderwijs gegeven kan worden. En juist hierin ziet het Stimuleringsfonds een kans voor ontwerpers, makers en kunstenaars. Zij kunnen – via ontwerpend onderzoek in samenwerking met het onderwijs – als interdisciplinaire teams nieuwe ideeën, werkwijzen en toepassingen introduceren en de veranderingsprocessen begeleiden. Zo kan een theoretisch idee ook in de praktijk worden gerealiseerd.

Ontwerpers Simon van der Linden (Monobanda), Elsbeth Ronner (Lilith Ronner van Hooijdonk) en Pieter Stoutjesdijk (TheNewMakers) gingen met House of Logistics aan de slag om een multifunctionele ruimte te ontwikkelen. Een zeecontainer bleek te klein te zijn om groepen te onderwijzen. Daarom gingen de ontwerpers over op een groter model, dat veel in de prefab-wereld wordt gebruikt. In deze unit moest ook ruimte worden gemaakt om over stress te kunnen praten, een veelvoorkomend probleem bij studenten in de logistiek. Game-ontwerper Simon van der Linden ontwierp daar een Mantra VR bril voor, waarmee studenten door middel van steminteractie zich op een speelse manier bewust worden van stress. Het prototype van de mobiele leeromgeving is nu klaar en het project gaat de testfase in. ‘Heel spannend’, vinden de ontwerpers en Merel Schenk. Van der Linden heeft zelfs slapeloze nachten gehad over de logistieke kant van de zaak. Hoe krijg je het gevaarte van A naar B? Gelukkig maakt House of Logistics deel uit van een grote logistieke community, dus wellicht dat partners uit het bedrijfsleven hier een handje kunnen helpen. Ook de mbo-docenten van ROC-Amsterdam zetten een nieuwe stap in het project. Want hoe doe je dat, lesgeven in een mobiele leeromgeving die op de stagelocatie van de studenten midden in de hectiek van het havengebied of op Schiphol staat? Het is allemaal inderdaad ‘een uitdaging’, zegt Merel Schenk.

 

Tosti-bar

Het Albeda College (Rotterdam) wil graag een innovatielab hebben waar studenten van verschillende opleidingen samen kunnen leren en werken. Maar hoe, dat wist men daar eigenlijk niet zo goed. Productontwerper Joost Dingemans en Ruben der Kinderen van social service design bureau Afdeling Buitengewone Zaken (A/BZ) werden aangetrokken om te onderzoeken hoe zo’n innovatielab eruit moest zien.

Om erachter te komen hoe de studenten leren, maar belangrijker: hóe de studenten wíllen leren, openden ze een tijdelijke tosti-bar. In ruil voor een tosti gingen de studenten in gesprek met de ontwerpers. Aan de hand van die gesprekken werkten ze vervolgens samen met de docenten drie innovatievraagstukken van drie opleidingen uit.

De uitkomsten van de experimenten en prototypen zijn tijdens een conferentie op het Albeda College met de rest van de organisatie gedeeld. Op deze manier is er bekendheid, draagvlak en een gedeeld idee gecreëerd. Pas daarna dacht men na over hoe het innovatielab er concreet uit moest zien. Het moest een lab buiten de school worden, en midden in de stad. Een flexibele inrichting moet ervoor zorgen dat verschillende opleidingen er kunnen experimenteren. De voorkant van het lab is ingericht als een ontmoetingsplek waar een pop-upstore (bijvoorbeeld een nagelstudio) zorgt voor interactie tussen de studenten en voorbijgangers. Aan de achterkant bevindt zich een lokaal waar praktijklessen worden gegeven. Het innovatielab moet ervoor zorgen dat collectief leren mogelijk is en dat er samenwerking ontstaat met de omgeving en het bedrijfsleven. Het innovatielab is, net als het project van House of Logistics, nog volop in ontwikkeling. De komende maanden kijken de ontwerpers samen met het Albeda College hoe ze het concept werkelijk kunnen realiseren.

 

Geloof en trots

Het ROC Mondriaan in Delft wil entreeleerlingen weer toekomstperspectief en zelfvertrouwen geven. ‘In het entreejaar moeten leerlingen vooral heel veel’, vertelt Marcel Schouwenaar van ontwerpbureau The Incredible Machine. De entreeopleiding is bedoeld om jongeren weer klaar te maken voor een (vervolg)opleiding. De opleiding is er voor jongeren zonder een diploma van een vooropleiding en bereidt jongeren voor op de arbeidsmarkt of op doorstroming naar een mbo-2-opleiding De opleiding duurt 1 jaar, met lessen in Nederlands, rekenen, burgerschap en discipline, werkhouding en omgangsvormen als te leren vaardigheden. Met een, volgens Schouwenaar, ‘geestdodende stage als vakkenvuller in de Action als afsluiting van het jaar.’

De ontwerpers van The Incredible Machine willen deze jongeren de kans geven iets te maken waar ze in geloven en dat ze met trots durven te presenteren aan hun omgeving. Niet door ze te vertellen wat ze moesten doen, maar door ze hun ‘eigen ding te laten doen’. Gedurende het ontwikkelproces zijn er vier fases doorlopen. In de eerste fase deden de ontwerpers onderzoek door studenten te interviewen, te observeren, kortom, door hun belevingswereld te leren kennen. Die ervaringen zijn vervolgens in een proces van cocreatie met de docenten en staf als kansen geformuleerd: ‘wij willen het licht weer bij ze aankrijgen, we willen dat ze zich weer laten verwonderen’.

Hoe? Daar had het ROC Mondriaan wel degelijk ideeën over. De ontwerpers dwongen het docententeam en de staf echter om niet meteen naar oplossingen te kijken, maar in mogelijkheden of kansen te denken. Vervolgens werd er een visie ontwikkeld: studenten moesten weer trots kunnen zijn op zichzelf. Daarna werd er een concept ontworpen. Je eigen ding doen is een programma van vier weken. Studenten maken iets, buiten de reguliere lessen onder schooltijd, wat ze interessant vinden en waar ze trots op kunnen zijn. Zo zijn er games ontwikkeld, is er een kookboek gemaakt en zijn studenten gaan vloggen. De coaching verliep volledig online. Via WhatsApp en YouTube kregen de studenten tips en tricks van de ontwerpers. In het speciaal ontworpen werkstation met computers werkten de studenten aan ‘hun eigen ding’.

 

Veranderde rollen

Het project is inmiddels afgelopen. Het ROC Mondriaan zou graag langer willen samenwerken met The Incredible Machine, maar dat is niet de opzet van Leeromgeving van de Toekomst. ‘De projecten zijn interventies’, legt Jetske van Oosten, programmaleider Actieagenda Ruimtelijk Ontwerp van het Stimuleringsfonds, uit. De samenwerking tussen ontwerpers en de mbo-instellingen is in principe eenmalig. Dat is voor de scholen soms lastig. Er waait even een frisse wind door het onderwijs die daarna weer gaat liggen. De effecten van de interventies kunnen daarentegen wel degelijk langdurig zijn. ‘Het Albeda College (Rotterdam) heeft door het co-creatieve proces met de ontwerpers een innovatieve mindset gekregen’, vertelt Van Oosten. ‘Ze zijn bekend gemaakt met designsprints, een werkwijze die ontwerpers veel gebruiken’ (red: een methodologie waarmee in vijf dagen een vraagstuk, via een getest prototype, wordt omgezet in een concreet product).

Ook ziet ze dat er meer contact en betrokkenheid is tussen mbo-instellingen en architecten. De rollen zijn veranderd. Waar vroeger de school de opdrachtgever was en de architect de uitvoerder, werken ze nu samen om het vastgoed flexibel en duurzaam in te richten. Het Stimuleringsfonds Creatieve Industrie ziet door dit ontwikkeltraject een groeiende interesse van ontwerpers voor het onderwijs.

‘Ontwerpers bouwen voor de maatschappij’, zegt Van Oosten. ‘Ze willen daarom graag een bijdrage leveren om de plek te vernieuwen waar de toekomstige deelnemers aan die maatschappij worden opgeleid.’

 

Meer Informatie