Mijmering #17
Mogelijkheden en beperkingen
Al ruim 10 jaar werk ik op de pabo als docent beeldende vorming. En om de zoveel tijd denk ik: wat kan er anders en hoe ga ik dat doen? Ik wil minder het gevoel hebben dat ik als docent topsport moet leveren om het vak enigszins op de harde schijf van studenten te krijgen. Laatst betrapte ik bijvoorbeeld mezelf erop dat ik het woord kunst nauwelijks nog gebruik en dat ik mijn jargon voor de klas volledig heb teruggebracht naar hapklare brokken die ik gebruik als fundament voor het vak; licht verteerbaar en alles behalve zwaar op de maag. Misschien ben ik niet meer de vakdocent die zeer begaan is met haar vak? Misschien ben ik stiekem medeplichtig aan de ‘kunstzinnige verschraling’ op pabo’s zoals geconstateerd door Piet Hagenaars en beschreven in de Cultuurkrant van maart?
Na wat overpeinzingen denk ik dat mijn medeplichtigheid wel meevalt. Alleen, zoeken naar wat je aanbiedt binnen een kunstvak op de pabo blijft een vorm van jongleren waarbij je onmogelijk alle ballen tegelijk in de lucht kan houden. Het is – voorlopig – nou eenmaal balanceren tussen tijd, inhoud, de student en de leerlingen. Of deze problematiek vraagt om nieuwe besluiten van de politiek of het management van een pabo, wij staan ondertussen wél als docenten op de vloer. Een plek waar we best nog wel wat ruimer over kunnen denken.
Een voorbeeld: dit jaar zijn we op Hogeschool de Kempel gestart met zogenaamde beroepstaken. Dit zijn betekenisvolle taken zoals die in alle complexiteit in de werkelijkheid door een beroepsbeoefenaar worden uitgevoerd. In de beroepstaken bieden we vakken niet meer geïsoleerd aan en slaan we een directe brug naar de beroepspraktijk. Eerstejaarsstudenten krijgen een semester lang beeldende vorming gefundeerd door onderwijskunde en pedagogiek. Daardoor krijgen studenten meteen vanaf jaar 1 een 360° view op het vak en meer bagage (én vertrouwen) om de eerste lessen beeldend te verzorgen op stage. Die bredere kijk en ervaring is nodig, want de realiteit op een basisschool en de inhoud van het vak laten zich niet altijd uitleggen tijdens de lessen op de pabo. Door samen te werken met andere vakken hebben we ook tijdens beeldende vorming meer ruimte over voor de kunsten zelf.
Dit is natuurlijk maar een klein voorbeeld in een complexe problematiek, maar ik geloof wel dat er op de vloer nog winst te behalen valt ondanks het gebrek aan tijd en ruimte. We moeten blijven denken in mogelijkheden in relatie tot de beperkingen. Samenwerken met andere vakken lijkt me voor nu alvast een goed idee!