Buitenblik: Milou Deelen
Auteur: Henk Langenhuijsen | Beeld: Milou Deelen Foto Roeltje van de Sande Bakhuyzen

Buitenblik: Milou Deelen
Auteur: Henk Langenhuijsen | Beeld: Milou Deelen Foto Roeltje van de Sande Bakhuyzen

In deze Buitenblik spraken we met journalist, schrijver en spreker Milou Deelen. In haar recente boek Gelukkig gelabeld onderzoekt zij haar diagnoses ADHD en PTSS, en spreekt ze met experts over de impact van labels.
Gelukkig gelabeld
Het gaat goed met Milou Deelen. Ze is in oktober moeder geworden van Winne, een vrolijk en rustig kind. Inmiddels schrijft ze weer volop artikelen en rubrieken en denkt ze na over een nieuw boek. Vorig jaar verscheen van haar Gelukkig gelabeld: Van ADHD tot angststoornis: een persoonlijke zoektocht naar mentale gezondheid. Milou: “Nadat ik werd gediagnosticeerd met twee labels viel het me op hoe ontzettend veel mensen tegenwoordig ‘gelabeld’ worden. Dat wilde ik onderzoeken. Wat betekenen al die labels eigenlijk en worden we er wel gelukkiger van?”
Paniekaanvallen
In haar boek schrijft ze over haar paniekaanvallen, enkele jaren geleden. Ze beschrijft dat ze werd gediagnosticeerd met ADHD en een lichte vorm van PTSS (posttraumatische stressstoornis) en hoe ze op zoek ging naar de betekenis en invloed van die labels. Ze dook in haar eigen leven, sprak met verschillende andere ervaringsdeskundigen (onder wie Splinter Chabot en Lisa Loeb) én met diverse professionele deskundigen (onder wie ggz-hoogleraar Floortje Scheepers en schrijver/psycholoog Thijs Launspach). Dat leverde een openhartig en lezenswaardig boek op waarin Milou je meeneemt in haar gesprekken en haar verwondering deelt over hoe anderen naar zichzelf kijken en met hun diagnose omgaan.
ADHD
Aanvankelijk vond ze het jammer dat haar ouders haar niet eerder voor ADHD hadden laten onderzoeken, want dat zou een verklaring voor haar gedrag én meer begrip van anderen hebben opgeleverd. Ze vertelt: “Ik klopte een paar jaar geleden, toen ik 26 was, zelf bij de ggz aan, omdat ik het label ADHD wilde. Dat zou mij, dacht ik, geruststellen en helpen. Ik had mezelf al gediagnosticeerd, maar had eigenlijk geen idee wat het allemaal betekende.”
Milou laat in haar boek zien hoe ze geleidelijk anders is gaan denken. Nu snapt ze de keuze van haar ouders beter: “Mijn eerste gesprek voor dit boek was met Branko van Hulst, kinder- en jeugdpsychiater, en die heeft echt mijn ogen geopend. Hij zei bijvoorbeeld: ‘Wij vormen de labels, daarna vormen zij ons.’ Daarmee bedoelt hij dat de labels ook ons gedrag kunnen beïnvloeden én hoe anderen naar ons kijken. Zo had ik het nog nooit bekeken.”
Labelen of niet?
Milou kan zich uiteindelijk goed vinden in de woorden van podcastpsycholoog Marissa van der Sluis. Zij stelt: “Mensen worden niet gelukkiger van een label, maar wel van een beter begrip van zichzelf. Een label kan een nieuw begin zijn, een nieuw perspectief kan gelukkiger maken. Maar een label kan je visie ook beperken, afhankelijk van de betekenis die je het label geeft, in hoe je ermee omgaat, hoe de samenleving ermee omgaat, en hoe het wordt uitgelegd door professionals.”
‘Echt zelfbegrip komt niet van het label dat je gebruikt, maar door de achtergrond te begrijpen van de dingen die je lastig vindt in het leven.’ – Milou Deelen
Ook haar gesprek met Thijs Launspach voegde nuance toe aan Milou’s begrip van labels. Milou: “Volgens hem beïnvloedt een label hoe jij naar jezelf kijkt, maar soms is het niet het juiste label of heeft het slechts een beperkte houdbaarheid. Dat kan dus stigmatiserend werken. Echt zelfbegrip komt niet van het label dat je gebruikt, maar door de achtergrond te begrijpen van de dingen die je lastig vindt in het leven.”
Neurodiverse samenleving
Vooral de woorden van Floortje Scheepers maakten indruk op Milou, omdat zij stelt dat labels de werkelijkheid reduceren tot een zwart-witte tweedeling: de zieken en de gezonden. Zo simpel zitten mensen volgens de hoogleraar niet in elkaar. Volgens Scheepers is er veel variatie en dat is ook goed voor een samenleving. Milou: “Zij legde uit dat hoe meer variatie er is in een groep, hoe groter de flexibiliteit en het adaptief vermogen van die groep is. Zonder labels is er meer oog voor grijstinten. Ik kan me helemaal vinden in haar opvatting dat we mensen erkenning moeten geven voor wie ze zijn en moeten helpen daar waar het nodig is. Labels kunnen als prettig ervaren worden, maar kunnen ook te veel een onderdeel van je identiteit worden.”
Milou ziet een diagnose nu als een tijdelijke ‘vluchtheuvel’ in een drukke, veeleisende maatschappij. “Het is goed om tijdelijk anders en met meer begrip naar jezelf te kijken. Het is ook fijn als je dat met anderen kunt delen, maar het hoeft niet altijd beslag op je te leggen.”
Kunstonderwijs
Volgens Milou speelt het kunstonderwijs hierbij een belangrijke rol. “ADHD hebben is niet hetzelfde als ADHD zijn. Je hebt als docent vaak geen label nodig om te zien welke specifieke benadering een kind nodig heeft om zich optimaal te kunnen ontwikkelen. Elk kind is uniek en vooral in het kunstonderwijs kunnen die eigen, bijzondere kwaliteiten een kans krijgen. Vergeet niet dat kinderen met een bepaalde neurodivergentie vaak bijzondere talenten hebben. Ze zijn bijvoorbeeld energieker, kunnen goed associëren en zijn heel creatief. Als je daar oog voor hebt, komen ze echt tot bloei.”
Deze rubriek stond in KZ02/2026.
Milou Deelen (Amsterdam, 30 jaar) is journalist, schrijver en spreker. Ze schrijft over allerlei onderwerpen, vaak met een feministische lens, voor onder meer Het Parool, Volkskrant Magazine en LINDA.meiden. In 2025 verscheen haar tweede boek: Gelukkig gelabeld.
Henk Langenhuijsen schrijft sinds 2003 voor Kunstzone, met name over onderwijs en theater. Hij was docent Nederlands en cultuurcoördinator bij onder meer het Koning Willem I College, een roc in Den Bosch.