Algemeen
25 sep 2026
5 minuten lezen

Hoe creativiteit psychische problemen bij tienermeisjes kan verminderen

Auteur: Nanja Ruiter | Workshop Speaker maken Buurtwerkplaats Amsterdam Foto Simone Piebes

Bijna de helft van de tienermeisjes ervaart psychische problemen. Masterstudent kunsteducatie Nanja Ruiter onderzocht hoe samenwerken in creatieve maakprocessen de veerkracht van meisjes kan vergroten. Ze vertelt over werkvormen, zelfregie, groepswijsheid en meer.

Veerkracht
“Ik word kwaad en adem in en uit. Dan doe ik alsof ik het leuk vind, terwijl het moeilijk is. Dat helpt om het vol te houden”, vertelde een tienjarig meisje tijdens een workshop. Het is een mooi voorbeeld van veerkracht: het vermogen om met tegenslag, stress of moeilijke ervaringen om te gaan, emoties te reguleren, en – vanuit vertrouwen in jezelf en je omgeving – weer in beweging te komen richting herstel en groei. 

De workshop vond plaats in het kader van ontwerponderzoek voor mijn Master Kunsteducatie aan de HKU. Daarin onderzocht ik wat voor begeleiding meisjes nodig hebben om hun veerkracht te vergroten door middel van creatieve groepsactiviteiten.

Piekeren en praten
De aanleiding voor mijn project was het onderzoek van Patricia Vuijk, lector Meisjes en mentaal welbevinden bij Hogeschool Rotterdam. Dat gaat over co-rumineren: het praten over problemen en emoties. Co-rumineren kan de onderlinge band versterken, maar vergroot ook het risico op psychische klachten, vooral bij meisjes. Vuijk pleit voor minder praten en piekeren en vaker in het hier en nu genieten van positieve activiteiten.

Dit zag ik als een perfect haakje naar kunsteducatie. Veel onderzoek wijst immers uit dat creatief maken goed is voor de mentale en fysieke gezondheid en veerkracht kan versterken (Poll et al., 2024). Ik richtte me op meisjes, omdat die vaker psychische klachten hebben dan jongens (Masten, 2014). 

Creatieve werkvormen
Ik nam een vragenlijst af bij medestudenten en docenten van de HKU, en vrijwilligers en werkbegeleiders van de Kindertelefoon. Ik voerde gesprekken met meisjes zelf en kunsteducatieprofessionals. Van daaruit bedacht ik een aantal werkvormen en gaf uiteindelijk vijf workshops aan een groep meisjes van 9–14 jaar.

De meisjes bouwden kaartenhuizen, tekenden en verbeeldden met klei wat er speelde in hun leven en wat ze belangrijk vonden. Ook maakten ze samen een groot hart van gemengde materialen (stof, draad, verf, stiften, enz.).

Al doende bleken veel technieken en maakvormen passend, zolang ze zich in de zone van de naaste ontwikkeling bevonden: niet te lastig, maar wél uitdagend. Juist momenten van tegenslag en een beetje frustratie dagen uit om te oefenen met veerkracht.

 

Veerkracht groeit wanneer iemand zélf denkt, kiest, ontdekt en faalt. Niet wanneer jij het voor hen oplost.

 

Zelfregie
Door tijdens de workshops te oefenen met gezamenlijke besluitvorming, konden de meisjes uiteindelijk zelf bepalen wat ze de volgende sessies gingen doen. Zo werd er genaaid, gebreid, geborduurd en getekend. De communicatie verliep steeds meer direct tussen de meisjes, zonder mij. Ze hielpen elkaar een draad door een naald te halen of gaven praktische tips voor het kaartenhuis: “Je moet op de kaarten blazen, dan lukt het wel.”

De meisjes lieten me zien: veerkracht groeit wanneer iemand zélf denkt, kiest, ontdekt en faalt, niet wanneer jij het voor hen oplost. Dat blijkt ook uit onderzoek van Ann S. Masten (2014): juist in het proces van vastlopen en opnieuw beginnen, ontwikkelen kinderen vertrouwen in hun eigen kunnen, probleemoplossend vermogen en inzicht. 

Ontwerp- en reflectietool
Uiteindelijk heb ik een ontwerp- en reflectietool ontwikkeld, Bouwen aan veerkracht, bedoeld voor iedereen die creatieve activiteiten begeleidt met kinderen en jongeren. Met de tool zet je de activiteiten stap voor stap in het teken van veerkracht. Daarbij staan verschillende kleuren LEGO®-stenen symbool voor bouwstenen van veerkracht. Bijvoorbeeld in actie komen, blijven proberen en hulp vragen. In mijn onderzoeksverslag lees je er meer over. 

Ontwerponderzoek in de Master Kunsteducatie
Dit project was een vorm van ontwerpend onderzoek, waarbij je ideeën en prototypes ontwikkelt, test en steeds aanpast. Het was de eindfase van mijn Master Kunsteducatie aan de HKU.

Deze master gaf me meer fundering voor een van mijn kwaliteiten: het ontwikkelen van speelse tools waarbij (gezamenlijk) reflectie wordt gestimuleerd. Hiermee wordt vaak de groepswijsheid aangesproken.

Ook de meisjes in de testsessies zag ik ontdekken dat ze samen meer weten dan alleen. Daardoor gingen ze meer op zichzelf en elkaar vertrouwen. Volgens mij heeft de docent een belangrijke rol om de groep te begeleiden richting deze ontdekking.

…

Lees het volledige artikel in KZ03/2026.

Meer weten? Download het onderzoeksverslag van Nanja op https://ateliereindeloos.nl/projects 

Nanja Ruiter (1973) is docent NT2, trainer, onderwijsontwikkelaar en trajectbegeleider voor diverse scholen en opdrachtgevers, waaronder Elan en Vrouwen Vooruit. Ze heeft een master kunsteducatie en verschillende (post)hbo’s waaronder journalistiek en sociaalpedagogisch werker.

Bronnen

  • Ann S. Masten. (2014). Ordinary Magic: Resilience in Development. New York: The Guilford Press.
  • Hogeschool Rotterdam. (z.d.). Lectoraat Meisjes en mentaal welbevinden. hogeschoolrotterdam.nl
  • Poll, J., Notten, N., Kooiker, S., & De Kleijn, M. (2024). Kunst als (ver)wondermiddel: Over de inzet van actieve cultuurparticipatie voor positieve gezondheid. LKCA & Institute for Positive Health. Lkca.nl